Posts tonen met het label egocentrisch. Alle posts tonen
Posts tonen met het label egocentrisch. Alle posts tonen

dinsdag 23 februari 2010

Gebruik van onze recorders

Er zijn mensen die nooit zichzelf worden. Zij houden het bij de volwassene-recorder, zoals die in hun jeugd volgeschreven werd. Meestal betreft het dan een kopie van de ouder-recorder. Deze mensen stellen de inhoud van hun volwassene-recorder niet in vraag. Het zijn mensen die mechanisch, automatisch, onbewust leven. Ze doen altijd voort zonder zich af te vragen of hetgeen ze doen wel degelijk datgene is wat ze eigenlijk willen doen. Meestal zijn het ook mensen die van uit de hoogte en belerend spreken.
De onvolwassen personen hebben het vooral van de inhoud van de kind-recorder. Deze mensen zijn er op uit om de anderen liggen te hebben of een poets te bakken. Ze kijken meestal erg op naar mensen uit hun omgeving. Ze trachten nogal eens het medelijden van hun omgeving op te wekken.
Volwassen personen zijn personen die hun volwassene-recorder zelf hebben samengesteld en er nog voortdurend aan werken om de inhoud ervan echt naar hun zin te krijgen. Ze hebben de inhoud van hun ouder-recorder en van hun kind-recorder meerdere keren kritisch bekeken, beluisterd en beoordeeld. De stukken waarmee ze akkoord gingen, hebben ze overgenomen op hun volwassene-recorder. Heel wat ideeën, regels, ervaring van de maatschappij zijn immers erg bruikbaar. Men moet dan niet alles opnieuw ondervinden en/of uitvinden. Onbruikbare stukken hebben ze overgeslagen. Ze hebben zelfs eigengemaakte stukken geregistreerd op hun volwassene-recorder: eigen ideeën, eigen principes, een eigen referentiestelsel dat hen in staat stelt zelf te bepalen hoe ze hun problemen kunnen en willen aanpakken.
Mensen nemen informatie op, vergelijken die met wat op hun volwassene-recorder staat en op basis van de uitkomst van deze vergelijking nemen ze dan een beslissing die ze uitvoeren: ze reageren, ze handelen, ze spreken. Dit fenomeen noem ik: de mens is geprogrammeerd. De programma's staan op zijn volwassene-recorder. Dit betekent dat een mens, wanneer hij niet tevreden is met zijn leven, wanneer hij niet gelukkig is, zich kan herprogrammeren. We zijn niet gedoemd om ons hele leven te handelen volgens de regels die men ons als kind heeft aangeleerd, als we er niet gelukkig mee zijn.
Vroeger, wanneer ik een politieagent of een rijkswachter zag, begon ik het benauwd te krijgen en dacht: wat heb ik nu weer mispeuterd. Ik ben me dan gaan afvragen: hoe komt dat toch? Dit zijn toch ook mensen zoals wij, die hun job goed willen doen. Dus hoef ik daar toch geen schrik voor te hebben, integendeel, zij staan in voor de openbare orde en de veiligheid. Men had ons echter geleerd dat die mannen ons zouden “pakken” zo we ook maar het minste verkeerd zouden doen! Een ander voorbeeld: men had ons altijd voorgehouden dat mannen niet mogen wenen. Wel, toen mijn moeder begraven werd, heb ik geweend en ik schaamde me er niet voor. Nog een ander voorbeeld: wij leerden om te zeggen “mijn vriend en ik” (de ezel altijd van achter!). Maar nu zeg ik steeds “ik en mijn vriendin” (ik ben geen ezel!) Ik sta in het middelpunt van “mijn” wereld, mijn vriendin staat in het middelpunt van “haar” wereld. Ik maak kenbaar wat ik graag heb en niet graag heb vanuit “mijn” wereld. Wanneer mijn vriendin dat ook doet, is alles duidelijk en kunnen we samen veel leuke dingen doen. Dit lijkt egoïstisch, maar dat is het niet. Het is wel egocentrisch, maar dat is iets heel anders. Nog: mijn moeder zei altijd “wat gaan de mensen ervan denken, wat gaan de mensen ervan zeggen?” Ik vraag me dit nu niet meer af. Wat de mensen denken, is mijn probleem niet. Ik ga voort op wat ik zie en hoor en handel naar eigen inzicht, rekening houdend met mijn omgeving. Ik ga niet voort op wat de mensen zouden denken of op wat ze achter mijn rug van mij zouden vertellen. Roddelen vind ik maar niks, het brengt meer kwaad dan goed met zich mee.

vrijdag 9 mei 2008

Harmonische relaties

Een relatie harmonisch beleven is niet gemakkelijk. Ik probeer in gelijk welke relatie met iedereen steeds overeen te komen dat ieder van ons helemaal zichzelf moeten kunnen zijn. Neem nu een relatie met een partner. Zij moet de dingen kunnen doen die ze graag doet en op de manier die haar het beste ligt, ik eveneens. Zij moet haar eigen mening kunnen hebben over politiek, godsdienst, discriminatie, fatsoen … Ik de mijne. Zij moet haar emoties kunnen uiten op haar manier, ik op de mijne. In al die dingen kan men erg veel verschillen. Deze verschillen zijn wat ze zijn, dit is een neutraal gegeven. Leeft men dan naast elkaar? Neen! Heeft men dan wel iets aan elkaar? Ja! Ik ben van mening dat iemand die zich goed voelt in zijn vel, die goed kan opschieten met zichzelf, ook goed kan samenleven met andere mensen. Een persoon die niet in vrede leeft met zichzelf, die dikwijls dingen doet waar hij niet kan achterstaan, waarmee hij eigenlijk niet akkoord gaat, gaat er vroeg of laat onderdoor. Altijd alles voor anderen doen is mooi in theorie, maar in de praktijk houdt men dat niet vol. Ik vind dat een mens het recht heeft om egocentrisch te leven, in het centrum te staan van zijn eigen wereld. Egoïsten halen zoveel mogelijk uit hun omgeving, altruïsten geven zoveel mogelijk. Tussen deze beide uitersten bevindt zich de egocentrist, de persoon die op een harmonische manier veel geeft en tevens veel durft nemen. Hiervan vertrekkend stel ik een partner steeds voor dat we elkaar steeds vragen wat we graag hebben en zeggen wat we niet graag hebben. Gaat de ander daarop in, dan is dat een cadeau. Zoniet hebben we pech en bekijken we of we daarmee kunnen leven. Betreft het iets fundamenteels, dan bespreken we de situatie totdat we een voor beide partijen aanvaardbaar compromis gevonden hebben. Dat is niet altijd gemakkelijk, maar het eindresultaat geeft steeds een erg grote voldoening: we hebben elkaar weer beter leren kennen en we zijn weer meer naar elkaar toegegroeid.
In een persoonlijke relatie heeft ieder van de partners zijn eigen territoria en samen hebben ze hun gedeelde territoria. Bij voorbeeld: zij kan doen aan bloemschikken, reisverhalen schrijven, fotograferen, quizzen, groenten oogsten en koken … Hij doet bij voorbeeld de klusjes, de groentetuin, een boek schrijven, mensen voorthelpen … Samen spelen ze muziek en zingen ze in een meezingband, gaan ze op reis, naar familie en vrienden, naar feestjes, discussiëren ze met elkaar, kijken ze tv, doen de afwas … Op de gemeenschappelijke territoria maken ze duidelijke afspraken: zij bepaalt bij voorbeeld de tv-programma’s op maandag, woensdag en zondag, hij op de andere dagen. Zij stippelt de reizen uit en speelt de navigator, hij is de chauffeur. Zij wast af en hij droogt af … Bij dit alles proberen ze elkaar voortdurend te benaderen als volwassenen, als evenwaardige personen. Niemand heeft het recht om een ander verwijten te maken, toe te snauwen, te bekritiseren, te beoordelen, de les te spellen! Verdraagzaam zijn is lonender.
Wij proberen dat zo goed mogelijk te doen. Is er iets dat wringt, dat ons dwars zit, dan proberen we dat uit te praten zonder te ander te kleineren, te kwetsen of gezichtsverlies te laten leiden. We willen elkaar niet veranderen, onze eigen levenswijze niet opdringen. We proberen elkaar steeds te respecteren in onze eigenheid, elkaar te aanvaarden zoals we zijn, elkaar de nodige ruimte te geven, te genieten van elkaars aanwezigheid. Het is allemaal niet eenvoudig, aan een relatie moet iedere dag gewerkt worden, maar zo proberen te leven loont de moeite. Liefde is “willen”, er iets van “willen” maken. Liefde is een werkwoord.