Posts tonen met het label anti-heelal. Alle posts tonen
Posts tonen met het label anti-heelal. Alle posts tonen

zaterdag 5 mei 2012

De Kosmos II
Het punt waar de oerknal heeft plaats gehad, was en is naar mijn gevoel een zwart gat.


Volgens de algemene relativiteitstheorie van Einstein is een zwart gat een gebied waaruit niets, zelfs niet het licht kan ontsnappen. In zo’n zwart gat bevindt zich een enorme, zeer compacte massa die een geweldige zwaartekracht uitoefent. Rond een zwart gat is er een denkbeeldig oppervlak dat als grens optreedt, de “waarnemingshorizon”. Even buiten deze horizon kan materie en licht nog net aan de zwaartekracht van het zwarte gat ontsnappen. Eenmaal hier binnen verdwijnt alles in het centrum van het gat.

Een idee dat mij maar niet wil loslaten, is dat de oerknal niet heeft plaats gehad in één punt, maar in oneindig veel punten, in oneindig veel zwarte gaten, al of niet tegelijkertijd. En in ieder zwart gat heeft de explosie de materie in ons heelal geslingerd en de antimaterie in het anti-heelal. Hierbij kregen we aan beide zijden afkoeling van de deeltjes met de vorming van sterren, planeten, manen, zonnestelsels enz. tot gevolg en met als eindresultaat een melkweg. Het heelal is dan de optelling van al deze melkwegen, gevormd tijdens de oerknal van de vele zwarte gaten. Hetzelfde geldt voor het anti-heelal.



Dat anti-heelal is voor ons niet zichtbaar, niet bereikbaar, niet bestaande. Het bevindt zich in een andere wereld, in een soort kosmos waar wij met ons verstand (nog) niet bij kunnen. Het bevindt zich in een andere “dimensie” (de wetenschap werkt in haar berekeningen momenteel met 10 dimensies!).

woensdag 2 mei 2012

De Kosmos I
De formule van Albert Einstein is: E = mc2 (E = energie, m = massa, c = 300.000 km/s, de lichtsnelheid). Energie kan omgezet worden in materie en materie kan omgezet worden in energie! Materie is zeer sterk geconcentreerde energie.
In situaties met extreem hoge temperaturen (zoals bij de oerknal) kan energie omgezet worden in deeltjesparen bestaande uit een deeltje en een corresponderend antideeltje. Bij de botsing van een deeltje met een corresponderend antideeltje, vernietigen beide deeltjes elkaar (= annihilatie) en komt de energie, gebruikt om het paar te vormen, weer vrij.


Tijdens de oerknal is in een punt een enorme hoeveelheid energie omgezet in materie en antimaterie. De materie heeft zich tijdens de verwarring die er heerste in de enorm hete oerbrij kunnen ontdoen van de antimaterie. Waar is die naartoe gegaan? Een van de hypothesen die de wetenschap hanteert om het verdwijnen van de antimaterie uit ons heelal te beschrijven, is dat er een scheiding heeft plaats gehad en dat de antimaterie is gekatapulteerd naar een ver verwijderd en nog niet waargenomen deel van het heelal. Bij het ontstaan van het heelal zou alle materie in één deel en de antimaterie in een ander deel van hetzelfde heelal terecht gekomen zijn. Vreemd vind ik dat!
Bij de oerknal vond een explosie plaats die de grote massa hete deeltjes enorm snel in alle richtingen de ruimte inslingerde waardoor deze deeltjes gingen afkoelen met vorming van sterren, planeten, zonnestelsels en melkwegen tot gevolg. Zo werd ons heelal geboren, zegt de wetenschap. Het enorm snel wegslingeren van alle deeltjes in alle richtingen wordt beschreven met behulp van het begrip “inflatie”. Hierdoor werd het heelal in zeer korte tijd zeer sterk “opgeblazen”, waarbij er sprake is van snelheden die deze van de lichtsnelheid sterk overtreffen. Wel, hiermee heb ik het ook moeilijk!

maandag 19 januari 2009

God ademt voortdurend uit en in

3A, onze “niets-alles” God, heeft niet stilgezeten. Zo’n vijftien miljard jaar geleden heeft 3A zich ergens in een punt van de “lege ruimte” (die er nog niet was!) gemanifesteerd. Alles wat in niets zat, is als een ontzaglijke hoeveelheid oerenergie naar buiten gekomen met de oerknal en de vorming van ons universum tot gevolg. Op dit ogenblik dijt het heelal verder uit. De melkwegstelsels bewegen steeds verder uit elkaar. Wat er uiteindelijk met ons heelal gaat gebeuren, de wetenschap is het daarover nog niet eens. Gaat het heelal eeuwig blijven uitdijen waarbij de sterren van de melkwegstelsels uiteindelijk uitdoven of gaat het heelal op een zeker ogenblik weer inkrimpen tot het ineenstort met een eindkrak (big crunch)? Wie zal het zeggen?
Sommige wetenschappers spelen met het idee dat bij de oerknal alle antimaterie, die zo geheimzinnig verdwenen was uit ons heelal, zich georganiseerd heeft rond een anti-heelal. Daarop voortbordurend kan ik me voorstellen dat ons heelal en zijn spiegelbeeld, het anti-heelal, op een zeker ogenblik bij het uitdijen elkaar gaan raken en elkaar gaan vernietigen met vrijgave van de oorspronkelijke oerenergie (zoals bij een deeltje en een antideeltje). Hoe het ook zij, wanneer ons heelal uiteindelijk verdwijnt en terug omgezet wordt in de oorspronkelijke oerenergie, zal 3A zeker niet gaan rusten. Alle energie verdwijnt in het “niets” om er onmiddellijk weer uit te komen. Een volgende oerknal heeft plaats en we zijn weer vertrokken met een nieuw heelal (plus een anti-heelal?) Het lijkt me logisch dat dit een cyclische, een steeds weerkerende manifestatie van 3A is, een kringloop, een golfbeweging. Precies alsof 3A voortdurend uit- en inademt.
Voel je ook die oneindigheid van 3A en die pietluttigheid van je eigen LEM-mobiel? Waar maken wij ons hier op deze oneindig kleine aarde, waarop we maar een fractie van een seconde leven, toch druk over, wanneer we bedenken welke gigantische machine er eeuwig loopt.
Ik ben een aanhanger van de theorie van de “synchroniciteit”. Dit betekent dat ik van mening ben dat alles, gans het heelal, één groot samenwerkend geheel is waarbij alle onderdelen voeling hebben met elkaar en dit op ieder ogenblik. Uiteraard speelt 3A hierin de hoofdrol, 3A “is” het heelal. Onze wereld, ons zonnestelsel, onze melkweg, het heelal: het is één groot samenhangend geheel waarbij alle onderdelen “synchroon” op elkaar zijn afgestemd en samenwerken. Het geheel vertelt hierbij iets over de delen, de delen vertellen iets over het geheel.